Staring & De Wildenborch

D.H. Staring & S.W. Staring-Ver Huell

In 1780 kochten Damiaan Hugo Staring, kapitein ter zee en equipagemeester op Kaap de Goede Hoop, en zijn echtgenote Sophia Wynanda Ver Huell, De Wildenborch.  Twee jaar later lieten zij aan beide kanten van de oude poorttoren een woonvleugel bouwen. Het kasteel krijgt in die tijd ook meer het aanzien van een landhuis. Geleidelijk aan werden de oude boerderijen vervangen door nieuwe. Damiaan Hugo overleed in 1783 en zijn weduwe, die hertrouwde met Mr. W.C. Boers zette het werk voort. 

A.C.W. Staring & J.A.C. Staring-van der Muelen

In 1791 kreeg de enige zoon van Damiaan Hugo, Mr. Antoni Christiaan Wynand Staring, het goed in beheer.  Hij huwde Everdina Maria van Löben Sels en toen zij overleed trad hij in het huwelijk met Johanna Andrea Charlotte van der Muelen. Staring bleef op De Wildenborch wonen tot zijn overlijden in 1840. Hij was ervan overtuigd dat economische voorspoed voortkwam uit voor landbouw beschikbare grond, die ontwikkeld moest worden. Hij gaf dan ook zijn beste krachten aan bebossing, ontwatering en grondverbetering in de Achterhoek, zich zoveel mogelijk losmakend van functies, die veelvuldig afwezigheid verlangden. Hij is landelijk vooral als dichter bekend geworden.

J.I. Brants & C.S.J.M. Brants-van Löben Sels

Na het overlijden van A.C.W. Staring (1840) en dat van zijn weduwe Johanna Andrea Charlotte Staring-van der Muelen (1843), werd het goed onder de erven verdeeld. De bijna meerderjarige, op de Wildenborch als wees opgevoede kleinzoon, Mr. Jan Isaac Brants, verkreeg het huisperceel met omgeving. Bij zijn meerderjarigheid ruilde hij ander bezit tegen kindsdelen van zijn ooms en tantes en verkreeg zo weer ongeveer 450 ha. van het landgoed. Hij vergrootte samen met zijn echtgenote Catharina Swanida Johanna Mathilda Brants-van Löben Sels het Huis door aanbouw van een tuinkamer en door verhoging van de oude voorpoort tot een toren, onder leiding van de architect Heynink, een veelbelovend, maar jong overleden bouwmeester. Brants overleed in 1901. Zijn weduwe in 1907.

E.R.E. Brants & J.L.C. Brants-Ram

In 1907 werd het landgoed in land- en houtpercelen verkocht. Toen verdween het unieke bos achter het huis. Het landgoed werd verkaveld en vele boeren uit de omgeving, die aan het land gehecht waren, kochten percelen op. Bij de veiling verwierf een der zoons, Mr. E.R.E. Brants, het huisperceel met ongeveer 50 ha. Hij kocht samen met zijn echtgenote Johanna Louise Charlotte Brants-Ram het oude geboomte om het huis terug en begon met de inplanting van het vroegere ‘bosket’. Na zijn overlijden in 1924 had opnieuw een veiling plaats, waarbij het grondbezit werd gehalveerd.

A. Staring & J.H.M. Staring-de Mol van Otterloo

Nadat twee nieuwe eigenaars elkaar snel waren opgevolgd en de ondergang van het kasteel onvermijdelijk leek, kochten de kunsthistoricus Mr. A. Staring en zijn echtgenote Jacoba Henriëtte Magdalena de Mol van Otterloo het kasteel met park en enig bos in 1931. Zij lieten de oostvleugel van het huis verlengen en stijltuinen in het park achter het huis aanleggen. 

D.M.W. Staring & E.M. Staring-Valken

In 1971 werd het beheer en de bewoning van de Wildenborch overgenomen door Ir. Damiaan Maurits Winand Staring en zijn echtgenote Elise Margaretha Valken. Het huis onderging talloze verbeteringen aan daken, goten, hang- en sluitwerk. Ook het onderhoud van de tuin en de aanplant van bijzondere bomen werden onder het beheer van deze Staring serieus en met liefde ter hand genomen. In 1976 is de Wildenborch ondergebracht in een familiestichting.

J.C. van de Plassche-Staring & E.K. van de Plassche

In 2002 namen dochter Jennine Carelina Staring en haar echtgenoot Evert-Kees van de Plassche het beheer over, waarna zij in 2005 naar de Wildenborch verhuisden. Onder hun leiding werden van 2002-2006 diverse noodzakelijke en ingrijpende renovatiewerkzaamheden uitgevoerd. Het bouwhuis werd aangepast aan de wensen van deze tijd om zo een prettig leefklimaat te scheppen voor de nieuwe hovenier met zijn gezin. In het kasteel werd al het leidingenwerk vernieuwd en werden alle ruimten gerenoveerd en opnieuw gestoffeerd. Tegen het huis werd een lifttoren gebouwd, om zo ook minder validen de mogelijkheid te bieden het huis binnen te gaan. Ook kreeg het huis een nieuwe voordeur, geheel in stijl. De oprijlaan werd sterk verbeterd en zodanig ‘verhard’, dat de duizenden fietsers en wandelaars die jaarlijks, tot aan het voorplein toe, komen oprijden en -lopen, zich zonder problemen kunnen verplaatsen. Tenslotte werd ook het onderhoud van de tuin met veel enthousiasme opgenomen: bloemperken werden aangelegd, zichtlijnen werden hersteld en vele andere verbeterpunten werden aangepakt. Dankzij de familiestichting kon deze gigantische operatie geheel uit eigen middelen worden gefinancierd.

Blijf op de hoogte en meld u aan voor onze nieuwsbrief!